|
Tot nagedachtenis aan
Annie Vanoverschelde
Geboren te Kortrijk op 26 juli 1953
en overleden te Ashford op 14 juli 2007.
Terwijl
Terwijl jij dood bent
gaat het leven door...
men zegt wel dat ‘het went’
ik vind het niet het goede woord ervoor...
Want, ach, je hele leven
en je naam zijn nooit uit te wissen
ik zal je altijd, elke dag
verwachten en toch missen...
Daarom vraag ik onhoorbaar zacht
of jij me toch wil geven
een teken, bijna niet te zien,
dat je nog bent na dit leven.
(Jan Coghe) |
Liefste zus,
Voor jou staat de tijd nu stil.
Bedankt,
Bedankt voor alles wat je was
Bedankt voor alles wat je voor ons deed
Bedankt voor de goede zorgen voor vader en broer.
Niets of niemand kan je vervangen.
Je blijft voor altijd in ons midden. |
|
GETUIGENIS DOOR TOON VANLAERE TIJDENS DE
UITVAARTLITURGIE VAN ANNIE VANOVERSCHELDE
Beste familieleden, beste aanwezigen,
Waarom zit de waarheid soms zo meedogenloos in kinderliedjes
verborgen?
Ik denk aan een kinderliedje dat Annie zeker gezongen heeft in haar
kinderjaren.
Zijn kinderliedjes dan toch niet gemaakt om alleen plezier te
beleven?
Ik citeer:
‘Witte zwanen, zwarte zwanen
Wie gaat er mee naar Engeland varen?
Engeland is gesloten
De sleutel is gebroken… ‘
Het was een spelletje, kinderlijk mooi. Hoe kon Annie weten dat die
sleutel van haar dierbare Engeland in Ashford zo plotseling en zo
dramatisch zou breken?
Wij gunden haar zo haar Engeland.
Want Annies leven was geen sprookje. Ik weiger haar voor te stellen
als een sprookjesprinses. Annie had soms hevige hoofdpijn, had het
soms héél druk, ’s nachts had zij af en toe wat zij noemde haar ‘hertegefret’.
Zij zei me eens: ‘Ik heb het soms moeilijk om in de eerlijkheid van
mensen te geloven’. Het is niet gemakkelijk om met een open
levenshouding rond te lopen.
Zij had haar principes. Zij wilde dat het leven mooi was en eerlijk.
Vertrouwen was voor haar een heel dierbaar woord. Maar zij was ook
op haar hoede.
Juist omwille van de warme genegenheid en de hartelijkheid die ze
uitstraalde was zij zo geliefd binnen de familie waarvan zij deel
uitmaakte, binnen haar vriendenkring, binnen de dorpsgemeenschap van
Oostrozebeke en zeker ook binnen de schoolgemeenschap in het college
van Izegem, waar zij een vakbekwame lerares was en een bezige bij.
En nog veel meer. Zij hield het korps samen.
Wij gaan Annie allemaal missen en nog het meest in de Kerkstraat nr.
18.
Zij belichaamde het verlangen naar een wereld waarin er plaats is
voor een levensnabije cultuur van schoonheid, van hartelijkheid, van
dankbaarheid.
Haar zorg voor haar vader en haar broer kwam op de eerste plaats.
Iedereen op school wist dat haar weekenden niet zo zorgeloos waren
als de meeste anderen die meemaken.
Maar op maandag stond zij vol energie voor haar klas. Het minste wat
je over Annie kunt zeggen is dat zij lesgaf met hart en ziel. Zij
was een eminent lesgeefster. Haar Engelse lessen waren lessen waarin
zij zich ontpopte tot een ambassadrice van Engeland. De inspectie
was zeer onder de indruk van haar resultaten en zij was daar terecht
dolblij mee. Hét hoogtepunt van het jaar was toen zij telkenmale met
alle vierdes naar Canterbury trok. Ik heb het voorrecht gehad om
zo’n trip met haar mee te maken. Zij straalde, maakte zeer
duidelijke afspraken met de leerlingen en trok ’s anderendaags naar
alle klassen om hen te zeggen hoe fier zij op hen was.
Want Annie was graag fier!
Zij hield van haar geliefde Engeland. Zij hield van muziek, van
boeken, van poëzie, van film, toneel, handwerk… Zij hield vooral van
mensen.
De charme van Annie lag in de manier waarop zij meeleefde met de
mensen om haar heen. Zij was een chique vrouw die hield van
etiquette.
Voor haar was leven een kunst.
Haar leerlingen (of zoals zij ze altijd noemde: ‘mijn kinders’)
moesten manieren hebben. Zij hield van stijl. Het is geen toeval dat
ik haar zo vaak op feestelijke momenten bloemen heb zien
overhandigen. En hoe zij dat deed…
Zo vaak lag er in haar kastje in de leraarskamer voor iemand een
cadeautje, mooi ingepakt. Het was haar grootste plezier om mensen
bij een of andere gelegenheid te verrassen met een attentie. Haar
hartelijkheid was haar grote charme.
Ja, het college is zijn moeder verloren.
Want zij deed wat een moeder doet: verwachtingen scheppen. En achter
de schermen de juiste mensen aanspreken waarvan zij wist dat ze een
probleem konden oplossen. Dat was haar manier van werken, vaak op de
achtergrond. Op 3 september zullen veel leerlingen en leerkrachten
vergeefs naar haar zoeken.
Zelf had zij ook een heel mooie visie. Zij bepaalde mee het beleid
van onze school. Zij kon moeilijke dossiers aan.
Zij hield ervan om jonge leerkrachten te begeleiden en hun haar
ervaring door te geven.
Ik ben gaan zoeken in de mails die ik van haar de laatste maanden
heb gekregen – vaak heel grappige – en ik citeer daaruit een
prachtige zin die magnifiek illustreert met wat voor een mildheid
zij leefde. Het gaat over de Beheerraad van vzw Regenboog waar haar
broer opgevangen wordt. Ik citeer nu letterlijk: ‘ Mijn stelling is
altijd geweest dat mijn inzet in de verschillende raden een antwoord
is om de dankbaarheid van onze familie voor de goede opvang van
broer in daden om te zetten’.
Dankbaarheid was één van haar grote waarden. Ook: vertrouwen,
geloof, samenhorigheid, plezier, een sterk plichtsbesef en een
ontwapenende eerlijkheid. Zij kon niet tegen leugens.
Zij hield van een leuke babbel. Dan blonken haar ogen. Zij kon zo
smakelijk vertellen…
Ze zou uit haar Engeland terugkeren met weer mooie verhalen. Maar
een veel te harde klap heeft daar anders over beslist.
Van dit bericht was iedereen ondersteboven. Nee toch, het kan niet.
Annie dood? Maar het is wel waar. Het leert ons wie wij zijn:
kwetsbare vogels, hunkerend naar wat geluk.
Wij moeten haar leven nu voltooien. En bidden: Heer, bescherm haar
tussen uw veilige vangrails. Wees gij haar Engeland, haar
engelenland.
Geef haar weer de glans in haar ogen.
Ik heb haar vaak bloemen op het altaar zien schikken. Dat beeld wil
ik voor altijd bewaren. Zij hield van mooie vieringen.
Dit is haar laatste viering. Hoe kunnen wij die zin geven?
Ik denk door bij elkaar te horen. Door onze gevoelens uit te
spreken.
Wie we bedoelen als we God zeggen, is een beklemmende vraag. We
weten niet eens wie we zelf zijn. Maar tegen Annie zeggen we: zo
veelkleurig als de prachtige halssnoer die je altijd droeg, was je
leven. Je was een parel van een vrouw.
De collegegemeenschap houdt eraan om aan de familie te zeggen, te
beloven dat wij haar gedachtenis in ere zullen houden.
Dat zou ik aan iedere aanwezige willen vragen: geloof in een wereld
zoals Annie die wilde: principieel, ontwapenend eerlijk en mooi.
|